Let op: de website is verhuisd naar fritsvanderwaa.nl

de Volkskrant van 18-03-1999, Pagina 12, Kunst, Recensie

De Bondt doorbreekt tijdsbarrière

Bloed: werken van Cornelis de Bondt e.a. door het Nederlands Blazers Ensemble en het Hilliard Ensemble o.l.v. Rutger van Leyden. Paradiso, Amsterdam (16/3). Herhaling: Rotterdam, 22 maart.

Programmeren is een vorm van componeren, en deze kunst is in Nederland hoogontwikkeld, getuige de vele prikkelende programma's die zowel in de klassieke als de hedendaagse sector worden aangeboden. Maar in Bloed, het nieuwste project van het Nederlands Blazers Ensemble, is de scheidslijn tussen programma en compositie opgeheven.

Dat is het werk van componist Cornelis de Bondt. Hij heeft de opdracht van het NBE de confrontatie met het verleden aan te gaan ruim opgevat, en het programma omgebouwd tot een 'raamcompositie' van ruim een uur, waarin de tijdsbarrière tussen vijfhonderd jaar oude madrigalen en noten van nu op adembenemende wijze wordt doorbroken.

De samenwerking tussen het NBE en de vier zangers van het vooral in oude-muziekkringen vermaarde Hilliard Ensemble beloofde al op voorhand iets bijzonders op te leveren, maar op deze grensverleggende gebeurtenis was niemand voorbereid.

De Bondt verbindt de onderdelen met pulserende blazersklanken die overgaan in een laag monnikengezang van elektronische herkomst, waarop de onbegeleide stemmen van de Hilliards het gehoor verplaatsen naar de tijd van Cipriano de Rore en Philippus de Monte. Maar het contrast tussen oud en nieuw gaat al snel over in een glijdende schaal, wanneer de blazers een instrumentale Gesualdo-bewerking van Luca Francesconi inzetten, waarin de prangende harmonieën van tijd tot tijd opgaan in de sluiers van een elektronische vergalming.

Opvallend is dat dit effect geen enkele afbreuk doet aan het respect voor het origineel. En dat geldt ook voor De Bondts clairvoyante zetting van vier Monteverdi-madrigalen. En als de hedendaagse interpuncties daarna uitvloeien tot een elektronische ondergrond bij de renaissance-composities is dat merkwaardig, maar allerminst storend. Dan schuiven heden en verleden over elkaar, in De Bondts bewerking van La déploration de Johannes Ockeghem van Josquin Desprez. Aan de vier vocale partijen van deze treurzang heeft hij geen noot veranderd, maar er een eigen laag aan toegevoegd, een mechaniek van dissonante, herhaalde akkoorden en wonderlijk floersige bassen dat toch telkens raakpunten met Josquins polyfonie vertoont. Op het hoogtepunt van het werk komt dit tot stilstand en resteert alleen de aangrijpende, intens droevige zang .

Dit alles culmineert in De Bondts eigen compositie Bloed II, 25 geladen minuten, waarin de vier zangers op een fascinerende manier standhouden in een complexe, gelaagde mengeling van brandende harmonieën, gestoten akkoorden en elektronische klankstromen, waaruit dan ten slotte toch weer een traditionele madrigaalzetting opduikt. Met dit project, dat zoals al zijn werken het karakter van een requiem heeft, zet De Bondt met kracht de eigenzinnige koers voort die hem tot een van de belangrijkste Nederlandse componisten maakt.


© Frits van der Waa 2006