Home
Vertalingen
Stukken
Strips
Genealogie
CV
Zoek
english version


MERVYN PEAKE,
EEN SCHILDER MET WOORDEN

Mervyn Peake

Gormenghast van Mervyn Peake geldt als een van de meesterwerken van de fantasy, maar stamt uit een tijd dat dat begrip nog uitgevonden moest worden. Sterker nog, de gebruikelijke ingrediënten van het genre ontbreken geheel. Het verhaal speelt zich weliswaar af in een volstrekt imaginaire wereld, maar in deze wereld wordt niet getoverd, er komen geen dwergen of reuzen in voor, de helden zijn geen stoere zwaardvechters (voorzover er al sprake is van helden), en zelfs de scheidslijn tussen Goed en Kwaad is niet altijd even duidelijk.
Omdat de handeling gesitueerd is in een immens kasteel, bevolkt door groteske karakters die elkaar het leven zuur maken, is het boek ook wel eens tot de categorie van de gothic novel gerekend. Toch dekt ook die vlag de lading niet. Daarvoor is de kluwen van draden die dit verhaal vormen te ingewikkeld. Hier en daar lopen er dunne lijntjes naar illustere voorgangers. Het gegeven van een jongen die het in zijn eentje moet opnemen tegen de rest van de wereld is terug te voeren op Stevensons Schateiland, een boek dat Peake ongeveer uit zijn hoofd kende; de nonsensversjes doen denken aan die van Lewis Carroll; de karikaturale types met hun krankzinnige namen zijn vreemde verwanten van Dickens' personages. De monologue intérieure-stijl die Peake in een van de hoofdstukken hanteert wijst erop dat hij ook James Joyce's Ulysses moet hebben gelezen.
Dat zijn echter niet meer dan bijklanken in een epos met een volstrekt individuele toonzetting, waarin woorden en beelden opeengestapeld zijn als de rotsblokken waaruit het slot Gormenghast is opgebouwd. Maar net als het kasteel zelf herbergt dit massieve proza onvermoede verrassingen en verschrikkingen. Gormenghast onttrekt zich aan iedere categorisatie. Het is eenvoudigweg een uniek boek, net als Tolkiens In de ban van de ring. Maar Peake's werk heeft geen navolgers gehad, en dat het maakt het toch iets unieker.
Hoewel de boeken destijds gunstig werden ontvangen, kwam het echte succes (net als bij Tolkien) pas later, aan het eind van de jaren zestig - te laat voor de schrijver zelf. Sindsdien is het boek vele malen herdrukt en inmiddels geldt het als een klassieker - dat wil zeggen, in Engeland, want in de USA is het veel minder bekend.

Mervyn Laurence Peake was niet alleen schrijver, hij was ook - en misschien wel allereerst - tekenaar. Vanaf zijn kindertijd legde hij zowel de wereld om zich heen als de wereld van zijn verbeelding op papier vast, en als hij niet genoeg had aan potlood, inkt, krijt of verf schilderde hij met woorden. Tekenen en schrijven lagen voor hem in elkaars verlengde. De manuscripten van Gormenghast zijn doorspekt met krabbeltjes, ruwe schetsen en complete portretten. In een van zijn leukste en fraaiste boeken, Letters from a lost uncle, een kinderboek, vormen de tekeningen zelfs een onscheidbaar geheel met de getypte en handgeschreven teksten.
Toen de Gormenghast-boeken - intussen al weer een halve eeuw geleden - in druk verschenen, bevatten ze geen illustraties. Bij huidige Engelse edities is dat wel het geval, maar zo heeft de schrijver het boek niet gedacht. Peake's taal is zichzelf genoeg. De krachtige beelden die hij oproept, verraden het scherpe observatievermogen van de tekenaar, maar tegelijkertijd voeren ze de lezer mee in een maalstroom van associaties die alleen bij een dichter zouden kunnen opkomen.
Peake was een man met vele talenten. Te veel misschien voor één mens. Naast Gormenghast schiep hij een imposant oeuvre, dat ondanks een zekere wisselvalligheid nog vele andere hoogtepunten bevat. Hij werd beschouwd als een van de grootste illustratoren van zijn tijd, en ook veel van zijn gedichten zijn alleszins de moeite waard.
Hij werd geboren in 1911 in China, waar zijn vader als missie-arts werkte. Zijn tekentalent trad al vroeg aan de dag. De elf jaar die Peake in China doorbracht hebben tal van sporen nagelaten in zijn werk. Nadat het gezin teruggekeerd was naar Engeland bezocht Peake een kleine kostschool, Eltham College. Verscheidene van zijn leraren hebben model gestaan voor de onderwijzers die in het tweede deel van Gormenghast optreden. Van 1927 tot 1932 studeerde Peake aan verschillende kunstacademies. Daarna woonde en werkte hij een jaar lang op het kanaaleilandje Sark, waar destijds een kleine kunstenaarskolonie gevestigd was.
Ofschoon Peake ook toen al gedichten en verhalen schreef waren het vooral zijn schilderijen en tekeningen die de aandacht trokken. Vanaf 1936 doceerde hij aan de Westminster School of Art, waar hij Maeve Gilmore ontmoette, met wie hij een jaar later trouwde.
De publicatie van Captain Slaughterboard Drops Anchor (1939), een door hemzelf geschreven en geïllustreerd kinderboek was het begin van zijn faam als illustrator. In de loop van de volgende vijftien jaar maakte hij illustraties voor meer dan twintig boeken, waaronder bekende klassieken als Treasure Island, de Alice-boeken van Lewis Carroll en de sprookjes van Grimm. Maar hij hield zich niet uitsluitend bezig met kinderboeken. Zo illustreerde hij ook The Rime of the Ancient Mariner, een beroemd verhalend gedicht van Coleridge. Uit de tekeningen voor dit boek spreekt duidelijk zijn voorliefde voor het grillige en het macabere, die ook in de Gormenghast-boeken tot uiting komt.

De oorlog brak uit en in oktober 1940, kort na de geboorte van zijn oudste zoon, moest Peake in dienst. In zijn vrije tijd werkte hij aan Titus Groan, het eerste boek over Gormenghast. Peake was niet opgewassen tegen het bestaan als militair. In 1943 werd hij afgekeurd en kreeg vervolgens een baan als `war artist'. Van de oorlog zelf heeft hij niet veel gezien. Pas na de val van de Nazi's werd hij naar Duitsland gestuurd, waar hij onder andere het concentratiekamp Bergen-Belsen bezocht. Het was een aangrijpende ervaring, die zijn neerslag vond in vele tekeningen en gedichten, en ook van betekenis is geweest voor zijn latere werk.
Mede door toedoen van de schrijver Graham Greene werd Titus Groan in 1946 uitgegeven. Het was een bescheiden succes. Het boek kreeg lovende kritieken, beleefde twee drukken en werd ook in Amerika uitgegeven.
Peake vestigde zich dat jaar met zijn vrouw en zijn twee zoons opnieuw op het eiland Sark, waar het tweede deel, Gormenghast, ontstond. Het boek werd uitgegeven in 1950 en werd samen met Peake's gedicht The Glassblowers bekroond met de Heinemann Award for Literature.
Het gezin Peake was inmiddels, uitgebreid met een dochter, teruggekeerd naar Londen. Het bestaan op Sark bleek te geïsoleerd voor een kunstenaarsechtpaar, dat afhankelijk was van contacten met opdrachtgevers. De Peakes hadden weinig zakelijk inzicht en kampten voortdurend met geldzorgen. Zo kochten ze in 1950 een groot huis in Kent, dat ze na een jaar weer moesten verlaten omdat het hun draagkracht verre te boven ging.
Omstreeks deze tijd begon Peake te werken aan een blijspel, The Wit to Woo, in de hoop dat een succes in het theater hem eindelijk uit de financiële nood zou helpen.
Zijn volgende roman, Mr Pye, verscheen in 1953. Dit boek, dat veel lichtvoetiger van toon is dan Gormenghast, speelt zich af op het eiland Sark, maar het verhaal en de personages zijn geheel verzonnen. Het beschrijft de curieuze lotgevallen van Mr Pye, een man die een toonbeeld van goedheid is, tot hij op een dag tot de ontdekking komt dat er engelenvleugels op zijn rug groeien. Wanneer hij zijn rechtschapen levenswandel laat varen, verdwijnen de vleugels weer, maar slechts om plaats te maken voor duivelshoorntjes. De eerste druk van het boek belandde in de ramsj, maar het beleefde later een revival, in het kielzog van de Gormenghast-trilogie.

In 1954 begon Peake aan Titus Alone, het derde boek van Gormenghast, maar het schrijven viel hem zwaar. Hij had last van trillende handen en concentratieproblemen, wat hij aanvankelijk toeschreef aan overspannenheid. Maar het bleken de eerste symptomen van de ziekte die hem op den duur van al zijn talent en zijn menselijke waardigheid zou beroven - waarschijnlijk de ziekte van Parkinson.
Het toneelstuk The Wit to Woo werd uiteindelijk, na vele afwijzingen, in 1957 op de planken gebracht, maar leidde niet tot het gehoopte succes. Dat was een zware klap voor Peake. Hij stortte in en bracht maandenlang door in verschillende verpleeghuizen. Eenmaal thuis slaagde hij er met veel moeite in om Titus Alone te voltooien. Het boek werd gepubliceerd in 1959, in een enigszins ingekorte versie. Bij de heruitgave van 1968 werd het boek aan de hand van Peake's manuscripten weer in zijn oorspronkelijke staat hersteld.
Hoewel Peake in de jaren daarop nog enkele boeken illustreerde en zelfs een begin maakte met een vierde Titus-boek (Gormenghast was nooit bedoeld als een trilogie), maakte zijn ziekte het werk in toenemende mate onmogelijk. In 1961 maakte hij nog een aantal illustraties bij zijn eigen gedicht The Rhyme of the Flying Bomb uit 1947, waaraan goed te zien is hoeveel moeite het tekenen hem kostte. Het is zijn laatste werk. Hij stierf in november 1968, 57 jaar oud.

De ironie van het lot wil dat juist toen de Gormenghast-trilogie een nieuw publiek vond. Mede door toedoen van zijn weduwe werd ook veel van zijn ongepubliceerde werk alsnog uitgegeven. Dit alles leidde in 1975 tot de oprichting van de Mervyn Peake Society, die zich bezighoudt met de vele facetten van Peake's werk en leven.
Nu, dertig jaar na zijn dood, is de belangstelling voor deze opmerkelijke auteur groter dan ooit. De Duitse componist Irmin Schmidt schreef een opera op basis van Gormenghast, die eind 1998 een reeks opvoeringen beleefde in Duitsland. En sinds de BBC in januari 2000 het nieuwe millenium opende met een vierdelige tv-serie naar Peakes meesterwerk ligt Gormenghast weer op het tafeltje met de bestsellers.
De Nederlandse vertaling, waaraan ik van 1994 tot 2001 heb gewerkt, is uitgegeven door Het Spectrum.



© 2006 Frits van der Waa


terug naar 'Peake'