Let op: de website is verhuisd naar fritsvanderwaa.nl

de Volkskrant, Kunst & Cultuur, 20 juli 2006 (pagina 14)

Amoyal en Brautigam bouwen menig feestje

Mozart, Chausson en Mendelssohn door Camerata de Lausanne o.l.v. Pierre Amoyal. 17 juli, Concertgebouw, Amsterdam.

Tussen de musici van de Camerata de Lausanne ogen violist Pierre Amoyal en pianist Ronald Brautigam als oudere jongeren. Het is een sympathiek clubje, dit ensemble van getalenteerde jonge strijkers dat Amoyal vier jaar terug in het leven heeft geroepen.

Op het podium van de Kleine Zaal was het maandag wel een volle boel. Het concert stond aanvankelijk aangekondigd voor de Grote Zaal, maar was voor dat tafellaken toch te klein. Het programma bevatte dan ook muziek die als kamermuziek moet worden beschouwd: zelfs in het Concert voor piano en viool van Ernest Chausson bekleedt een strijkkwartet de functie van orkest. Desondanks bezette Amoyal elke partij met drie musici, wat voor deze zaal erg veel is.

De akoestische impressie die het ensemble daardoor naliet, was er een van enorme massiviteit. Dat heeft niet alleen met het aantal uitvoerders te maken, maar ook met de speelcultuur. Deze muzikanten hebben blijkbaar geleerd allereerst een expansief, meer dan kamerbreed geluid neer te zetten.

Het maakte het gemoedsleven van Chaussons Concert nogal oppressief. Weliswaar konden de witharige klavierleeuw Brautigam en de vaderlijke primarius Amoyal het uitstekend met elkaar vinden. Ze bouwden menig feestje van de naar alle windrichtingen uitzwermende melodielijnen en de op en neer roetsjende arpeggio's, maar de ondersteunende strijkerssteigers onttrokken de charmes van het laatromantisch muzikaal bouwwerk herhaaldelijk aan het oor.

Eenzelfde lot trof Mozarts Divertimento KV 138 en het Octet van Mendelssohn: zolang de muziek niet te luid was, viel er veel te genieten op het punt van kruipdoor-sluipdoorspelletjes in de middenstemmen, verfijnde pizzicati en gonzende baslijnen. Maar wat de musici aan gedrevenheid toevoegden, eiste zijn tol. Het spel kon spiritueler en de ensembleklank maakte een wat beslagen, weinig gepolijste indruk. Je bent nooit te oud om te leren – en dat geldt dus ook voor de intussen 57-jarige trainer van het gezelschap.


© Frits van der Waa 2006