Home
Vertalingen
Stukken
Strips
Genealogie
CV
Links
Zoek

de Volkskrant van 09-03-2000, Pagina 31, Kunst en cultuur, Recensie

Zeus verliefd op het meisje van de zeepreclame

Stefan Wolpe: Zeus und Elida/Schöne Geschichten, door de Ebony Band en Cappella Amsterdam o.l.v. Werner Herbers. Decca.

Bij het beluisteren van het mini-operaatje Zeus und Elida van Stefan Wolpe krijg je de indruk dat het een dolle boel moet zijn geweest in de jaren twintig. Maar de vraag is of Wolpe er wel zo veel lol aan heeft beleefd, want het werk is pas in 1997, een kwart eeuw na zijn dood, voor het eerst uitgevoerd. Die uitvoering, een project van Werner Herbers' onvolprezen Ebony Band in samenwerking met Cappella Amsterdam, is nu op cd verschenen in de Decca-serie Entartete Musik.

Uit Wolpes muziek spreekt een onbekommerdheid en een vrijgevochtenheid die inderdaad alleen maar mogelijk was in de jaren twintig. De 26-jarige Wolpe klutste jazz en twaalftoonsmuziek dooreen, strooide er postromantische klankerupties en parodistische neoŻbarok doorheen, en hield wonder boven wonder het hoofd boven water in het door hem ontketende pandemonium. Het is natuurlijk ook Herbers' verdienste, maar de muziek, hoe tumultueus ook, maakt geen ogenblik een ongecontroleerde indruk.

Het absurde karakter van het libretto zal voor Wolpes tijdgenoten bij het lezen van de titel Zeus und Elida ogenblikkelijk duidelijk zijn geweest. Een hedendaags equivalent zou zijn: Zeus en Omo, want Elida was een bekend zeepmerk. Het verhaal beschrijft hoe de oppergod Zeus weerkeert naar de aarde, en neerdaalt op de Potsdamer Platz in Berlijn, waar hij prompt zijn hart verliest aan de dame van de zeepreclame-affiche, in de waan dat zij zijn voormalige geliefde Europa is, en vervolgens een passerende prostituee aanziet voor 'zijn' Elida. Hetgeen uitloopt op een ingrijpen van de autoriteiten.

De kameropera Schöne Geschichten stamt eveneens uit 1928 en is een bijna even absurde aaneenketening van dialogen en verhaaltjes, waarvan het kortste 25 seconden en het langste ruim 13 minuten duurt. De muziek is geserreerder en abstracter dan in Zeus und Elida, maar even flitsend, wat in combinatie met de vocale partijen, die meer declamatie dan gezongen noten bevatten, tot een nogal hectisch geheel leidt. De cd besluit met Stimmen aus dem Massagrab op een tekst van Erich Kästner, voorafgegaan door een instrumentale blues en gevolgd door een Eisler-achtige mars.

Blues for Piano. Werk van Andriessen, Dramm, Kagel e.a. door Marcel Worms, piano. NM Extra.

De blues is nog steeds populair bij hedendaagse componisten: toen pianist Marcel Worms vier jaar geleden een bluesproject begon, hoefde hij componisten als Louis Andriessen en Mauricio Kagel niet eens te vragen om een nieuw blues-stuk, want dat hadden ze al geschreven. De resultaten van Worms' project zijn nu voor het nageslacht vastgelegd op de cd Blues for piano. Van de achttien stukken is precies de helft van Nederlandse bodem, en dat is niet de slechtste. Voor improviserende musici als Misha Mengelberg, Michiel Braam of Guus Janssen heeft de blues weinig geheimen. Tegenover enkele haast onvermijdelijke dweilpartijen staan fraai gestileerde bluesbloempjes, waaronder twee vrijwel eenstemmige stukken van Louis Andriessen en Hein van de Geijn. Boeiend zijn ook de oriëntaalse blues van Zou Hang en de jiddische variant van Burton Greene. Worms speelt flonkerend, nu eens met een klassieke, dan weer met een jazzy toets, en de opname is om door een ringetje te halen.

Festa Teatrale: Carnival in Venice & Florence. Werken van Monteverdi, Vecchi e.a. door het Balthasar-Neumann-Chor en -Ensemble o.l.v. Thomas Hengelbrock. Deutsche Harmonia Mundi.

Als alternatief voor de laatste carnavalskraker heeft DHM een cd uitgebracht met meedeiners van vierhonderd jaar geleden. Maar dan uit Italië, waar ze niet de polonaise, maar de passamezzo en de ciacona dansen. Het is dan ook een lichtvoetige cd, toch hebben Thomas Hengelbrock en zijn Balthasar Neumann-Chor en Ensemble voor de afwisseling ook een paar liefdesklachten opgenomen tussen de scherzi en canzonette. Het gezelschap komt tot mousserende vertolkingen, al zetten de tenoren hier en daar te veel druk op de ketel.


© Frits van der Waa 2006